Dat er iets met je lichaam kon gebeuren was al erg genoeg maar daarna bleek het ook nog eens onmogelijk om te vergeten.
Daarom gaan we bij een operatie onder narcose. Niet tegen de pijn maar om het voorkomen van een herinnering.
Je sloeg kisten vol wijn in, sprak met professioneel luisteraars, staarde naar bewegende lichtjes op een balk, het hielp allemaal
niets tegen dat continue toen. Je bleef het maar onthouden zoals je vingertoppen het scherp van de peper die werd geslacht
waardoor alles wat je daarna nog aanraakte, brandde. Kennis die je overdag met taakjes en scrollen probeerde te dempen
wist ’s nachts steeds uit haar kennels los te breken. Weinig kritisch op de boodschap, zolang hij maar overkwam.
Soms bracht je je hoofd in botsing met de hoek van je keukentafel in de hoop dat er een kleine scheur ontstond,
net op die ene plek waar lag opgeslagen wat je liever vergat. Je zei tegen jezelf dat het geen verminking was
maar het loshalen van een kleed, een poging om het verleden opnieuw vorm te geven. Niet om meer tijd te krijgen
maar om andere tijd te krijgen.
_____________________________ Geschreven ter gelegenheid van de Pride 2025. Voor iedereen die vanwege zijn geaardheid nog steeds niet veilig over straat kan. Ellen Deckwitz is de Stadsdichter van Amsterdam. Zij reageert in Het Parool op de actualiteit. De Stadsdichter wordt mede mogelijk gemaakt door de gemeente Amsterdam en SLAA (Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam), met Het Parool als vaste mediapartner. Foto: Bianca Sistermans