‘Het is gezien, mompelde hij, het is niet onopgemerkt gebleven.’
- Gerard Reve, De Avonden
Hij absorbeerde jarenlang de klanken van dienst,
muziek en wijk, zoals dekens de warmte
van een lijf.
Hij was een stille getuige en zo weerloos
als een vlieger.
In de vlammen verdwijnt een stukje jeugd,
uitzicht, thuis.
Langzaam dalen er zachte vlokken
op de omstanders neer.
Het is een nieuw jaar en het sneeuwt,
kleine afscheidskussen van as.
_____________________
Dit gedicht verscheen op zaterdag 3 januari in Het Parool