Stadsgedicht: Amsterdam 750 | Deel twee

Home Stadsdichter Lezen
11 okt 2025

Een stad is meer dan haar monumenten of geboortejaar, ze is ook de geraamtes van snoeken en kippen, leeggeroofde pantsers van mossels en kreeften. Door de eeuwen heen

vormden zich bergen graten, botten en veren, waren er wezens die zich maar moesten schikken naar het recht van de sterksten.

Gedenk niet alleen de denkers of de kunstenaars maar ook de jongeren. Die in tuchthuizen werden gedwongen tot arbeid, soms alleen maar omdat ze arm waren en niemand kwam om hen daar weg te halen.

Gedenk de onbekenden aan de andere kant van de aarde, wier bestaan werd afgebroken ten gunste van enkele marmeren gevels hier. Hele continenten gebrandschat en de ooggetuigen opgeslokt door massagraven.

Gedenk het gegeven dat een stad niet slechts een prestatie is maar eveneens stapels winst die zonder instemming werden verkregen. Dat ze uiteindelijk ook neerkomt op een mond die aan de lopende band werd gevoed. Speeksel klotste

in de grachten. Wanneer op de Blauwbrug de wind rukt aan je jas voel je het nog even, het zuigen van de muil die eeuwenlang wijd openstond.

________ Op 27 oktober 2025 is het 750 jaar geleden dat Amsterdam voor het eerst werd vermeld op papier. Dit gedicht is de tweede uit een reeks om daarbij stil te staan. Ellen Deckwitz is de Stadsdichter van Amsterdam. Zij reageert in Het Parool op de actualiteit. De Stadsdichter wordt mede mogelijk gemaakt door de gemeente Amsterdam en SLAA (Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam), met Het Parool als vaste mediapartner. Foto: Bianca Sistermans
Ellen Deckwitz

Ellen Deckwitz

Ellen Deckwitz (1982, Deventer) is sinds ze haar entree in de letteren maakte niet te stuiten: de afgelopen jaren verschenen prijswinnende bundels (onder meer De steen vreest mij, C. Buddingh-prijs 2012), boeken over schrijven (het alom geprezen Zo word je een geweldige dichter) en de bestseller …